Ilse en haar beestjes

07 okt Een beestachtig koffiekwartiertje met Ilse

Weet je wat ik zie als ik gedronken heeeb? Allemaal beestjes. Zoveeel beestjes. Om me heeeen. 90% van de Nederlanders van de bevolking zou deze tekst moeten herkennen, de overige 10% denkt what. tha. f*ck heb je het over. Het is de intro van een best wel populair liedje uit, jawel, 1967. Dat is oud man. In die tijd hadden de mensen vreemd lang haar, brillen met jampotglazen en broeken met wijde pijpen. Die tijd. Wat dat met onze Ilse te maken heeft? Niets. Maar beestjes wel. Ilse houdt namelijk van beestjes. Vooral van beestjes met een ‘hoog knuffelgehalte’. Babygeitjes enzo. *Smelt*

Kindjes
‘Babygeitjes enzo’ zijn dan wel heel erg schattig, ze kosten ook een hoop werk. “Ik heb eens voor een geitje (Bambi) gezorgd die was verstoten door haar moeder (noooo). Het was net een kind, met een vergelijkbaar ritme. Van bed af en dan het flesje geven, plasje doen, dat soort dingen.” Sodeju. Weinig slaap dus. Om een geit? Snappen wij nog niet he-le-maal, Ilse. “Dieren zijn als kinderen voor mij. En zo behandel ik ze ook.” Wanneer het niet goed gaat met Ilse haar kindjes, is ze dan ook helemaal van de leg. “Ik huil denk ik nog om een dode goudvis.” Dat. is. lief. man.

Onderschatten
Van iets kleins iets groots maken. Ilse krijgt er een goed gevoel van. “Om een klein geitje ‘groot te brengen’, dat geeft mij een heel goed gevoel.” Zo is het ook met haar werk. Van een simpele schets een prachtig logo maken. Of een toffe brochure. Een te gekke huisstijl. Dat vindt Ilse leuk. “Maar ons vak wordt ook wel eens onderschat.” Irritatiefactortje, Ilse? “Nou, wel een beetje ja. Veel mensen kunnen tegenwoordig leuke dingen maken met Photoshop, Illustrator of InDesign. Maar vormgeven is echt een vak. En het is niet met een druk op de knop klaar. Daar komt veel meer bij kijken. Dat vergeten mensen nog wel eens.” Inderdaad stom. “Maar we krijgen wel eens een complimentje hoor. En dat vind ik dan ook heel erg leuk.” Anders doen wij het wel. Jullie maken mooie dingen, vormgevers. – Geen dank.

Chagrijnig
Binnen elk vak zijn wel irritatiefactortjes. Maar Ilse ligt er niet wakker van. Als ze onder de wol kruipt, wil ze sowieso weinig wakker liggen. “Je mag me in principe nergens voor wakker maken. Dan wordt ik echt bloedchagrijnig.” Oef, fel hoor. “Naja, voor de geboorte van een dier mag je me wel wakker maken.” Kijk, daar is de liefde en passie alweer. Is toch mooi?